Taal
Nederlands
ERK-niveau
A1
Thema
Dagelijks Leven en Leren
Gekoppelde cursus
Nederlands A1

Kernwoorden

Voorbeelden binnen het onderwerp

Het is waar voor jou.

Engels: It is true for you.

Is het antwoord fout of goed?

Engels: Is the answer false or true?

Is je antwoord correct?

Engels: Is your answer correct?

We zijn correct en juist.

Engels: We are correct and right.

Verder verkennen