Ik spreek niet Engels.
- Taal
- Nederlands
- Niveau
- A1
- Eenheid
- Vragen en negatie
- Oefentypen
- 0
Wat dit grammaticapunt behandelt
Negatie in het Nederlands betekent dat je iets ontkent of zegt dat iets niet waar is.
Wanneer je het gebruikt
Gebruik negatie om aan te geven dat iets niet zo is, niet gebeurt of niet bestaat. 'Niet' gebruik je bij werkwoorden, bijvoeglijke naamwoorden, bijwoorden of de hele zin. 'Geen' gebruik je bij zelfstandige naamwoorden zonder lidwoord.
Belangrijke vormen
- "niet": gebruik je om werkwoorden, bijvoeglijke naamwoorden, bijwoorden of de hele zin te ontkennen.
- "geen": gebruik je om zelfstandige naamwoorden zonder lidwoord te ontkennen.
Voorbeelden
Het is niet warm vandaag.
Hij heeft geen auto.
Wij drinken geen koffie.
Zij is niet thuis.
Tips
- Zet 'niet' meestal achteraan in de zin, behalve als je een specifiek woord wilt ontkennen.
- 'Geen' gebruik je alleen bij zelfstandige naamwoorden zonder lidwoord.
- Gebruik 'niet' en 'geen' niet samen in één zin.
Uitzonderingen en randgevallen
- Soms staat 'niet' voor een voorzetsel of bijwoord als je alleen dat wilt ontkennen.
- Bij scheidbare werkwoorden komt 'niet' na het gescheiden deel.