Browse the parts-of-speech reference

Browse Grammar

Open any page below to learn through Dutch examples and explanations.

Grammar

ontrennbare werkwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

gebiedende wijs

Dutch grammar · B1

Grammar

passieve vorm (lijdende vorm)

Dutch grammar · B1

Grammar

gebruik van 'er'

Dutch grammar · B1

Grammar

gebruik van 'men'

Dutch grammar · B1

Grammar

negatie met 'niet' en 'geen'

Dutch grammar · B1

Grammar

vraagzinnen

Dutch grammar · B1

Grammar

indirecte vragen

Dutch grammar · B1

Grammar

persoonlijke voornaamwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

bezittelijke voornaamwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

wederkerende voornaamwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

aanwijzende voornaamwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

betrekkelijke voornaamwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

onbepaalde voornaamwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

bijwoorden van tijd

Dutch grammar · B1

Grammar

bijwoorden van plaats

Dutch grammar · B1

Grammar

bijwoorden van frequentie

Dutch grammar · B1

Grammar

bijwoorden van graad

Dutch grammar · B1

Grammar

trappen van vergelijking

Dutch grammar · B1

Grammar

bijvoeglijke naamwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

bijvoeglijk gebruikte voltooid deelwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

bijvoeglijk gebruikte onvoltooid deelwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

meervoud van zelfstandige naamwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

verkleinwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

voorzetsels van plaats

Dutch grammar · B1

Grammar

voorzetsels van tijd

Dutch grammar · B1

Grammar

voorzetsels van richting

Dutch grammar · B1

Grammar

voorzetsels met vaste combinaties

Dutch grammar · B1

Grammar

telwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

rangtelwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

collectieve zelfstandige naamwoorden

Dutch grammar · B1

Grammar

gebruik van 'te' + infinitief

Dutch grammar · B1

Grammar

gebruik van 'laten' + infinitief

Dutch grammar · B1

Grammar

gebruik van 'moeten', 'mogen', 'kunnen', 'willen'

Dutch grammar · B1

Grammar

gebruik van 'hebben' en 'zijn' als hulpwerkwoord

Dutch grammar · B1

Grammar

gebruik van 'worden' als hulpwerkwoord

Dutch grammar · B1

Grammar

woordvolgorde in hoofd- en bijzin

Dutch grammar · B2

Grammar

inversie

Dutch grammar · B2

Grammar

bijzinnen met 'omdat', 'hoewel', 'terwijl', 'zodat', 'doordat', 'als', 'wanneer', 'toen'

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van de lijdende vorm

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van de bedrijvende vorm

Dutch grammar · B2

Grammar

congruentie onderwerp-werkwoord

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van modale werkwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van hulpwerkwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van scheidbare werkwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

vervoeging van onregelmatige werkwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van de voltooide tijd

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van de onvoltooide tijd

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van de toekomende tijd

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van de verleden toekomende tijd

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van de gebiedende wijs

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van de indirecte rede

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van betrekkelijke voornaamwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van voorzetsels

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van vaste voorzetselcombinaties

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van bijwoorden van tijd, plaats en wijze

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van comparatief en superlatief

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van dubbele ontkenning

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van wederkerende werkwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van reflexieve voornaamwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van bezittelijke voornaamwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van demonstratieve voornaamwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van onbepaalde voornaamwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van telwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van samengestelde zinnen

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van elisie en inversie in samengestelde zinnen

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van conditionele zinnen

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van passieve constructies met 'worden' en 'zijn'

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van nadruk met 'wel', 'zelf', 'echt'

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van inversie na bijwoordelijke bepalingen

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van dubbele bijvoeglijke naamwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van congruentie in samengestelde zinnen

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van indirecte vragen

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van infinitiefconstructies met 'te'

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van participiumconstructies

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van causatieve constructies met 'laten'

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van modale infinitieven

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van voorzetseluitdrukkingen

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van samentrekkingen in zinnen

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van inversie na voegwoorden

Dutch grammar · B2

Grammar

gebruik van relatieve bijzinnen met voorzetselvooropplaatsing

Dutch grammar · B2

Play SmartWords games

Six word games built around our real vocabulary — free in the browser, no install.

Open the game hub →
  • Word Sling illustration

    Word Sling

    Match the center word under time pressure and keep the combo alive.

    Play now →
  • Word Gate illustration

    Word Gate

    Fly through the correct gate before the speed ramps up.

    Play now →
  • Word Ninja illustration

    Word Ninja

    Slice the goal-language words, avoid the main-language decoy, and chase the announced bonus target.

    Play now →
  • Word Zip illustration

    Word Zip

    Trace a single path across the board, hit each letter anchor in order, and fill every open cell.

    Play now →
  • Word Oddity illustration

    Word Oddity

    Pick the word that doesn't belong from a topic-driven set — every tap reveals all four meanings and images so the round becomes a flash-card too.

    Play now →
  • Word Memory illustration

    Word Memory

    Flip and match goal-language words to their main-language meaning before your lives run out.

    Play now →