Taal
Nederlands
ERK-niveau
A1
Thema
Dagelijks Leven en Activiteiten
Gekoppelde cursus
Nederlands A1

Kernwoorden

Verhaal

Spelen bij het Buurthuis

  1. Sem loopt na school naar het buurthuis bij de speeltuin.

    Sem walks after school to the community center by the playground.

  2. Noor en Daan wachten bij de deur, en Sem wil spelen met hen.

    Noor and Daan wait by the door, and Sem wants to play with them.

  3. Wat spelen we eerst?

    What do we play first?

  4. Er is een tafel voor tafeltennis en een mand met ballen voor voetbal, basketbal en honkbal.

    There is a table for table tennis and a basket with balls for soccer, basketball, and baseball.

  5. Er is ook één tennisracket voor tennis, en een licht racket voor badminton.

    There is also one tennis racket for tennis, and a light racket for badminton.

  6. In de hoek staat een piano, en op de plank ligt een bordspel.

    In the corner there is a piano, and on the shelf is a board game.

  7. Ze kiezen eerst voor voetbal op het veld naast het buurthuis.

    They pick football first on the field next to the community center.

  8. Sem trapt de bal, maar het regent zacht, want er komen grijze wolken.

    Sem kicks the ball, but it rains lightly because grey clouds are coming.

  9. Ze rennen weer naar binnen en lachen.

    They run back inside and laugh.

  10. Binnen willen ze tennis proberen, maar er is maar één racket.

    Inside they want to try tennis, but there is only one racket.

  11. We kunnen delen en om de beurt slaan, zegt Noor.

    We can share and take turns hitting, Noor says.

  12. Sem slaat eerst, Daan telt, en Noor juicht.

    Sem hits first, Daan counts, and Noor cheers.

  13. Daarna probeert Daan badminton, en Sem stuitert even met de basketbal.

    After that Daan tries badminton, and Sem bounces the basketball for a moment.

  14. Noor kijkt naar de piano en glimlacht.

    Noor looks at the piano and smiles.

  15. Sem zegt dat hij rustig wil zitten met een spel aan de tafel.

    Sem says that he wants to sit quietly with a game at the table.

  16. Ze zetten het bordspel op de tafel, en Noor speelt een zachte toon op de piano.

    They put the board game on the table, and Noor plays a soft note on the piano.

  17. Iedereen wordt kalm en blij, en Sem fluistert welterusten tegen de dag.

    Everyone becomes calm and happy, and Sem whispers goodnight to the day.

Voorbeelden binnen het onderwerp

Speel je honkbal?

Zij spelen badminton.

Er is hier een speeltuin.

Zij spelen vaak basketbal.

Verder verkennen

Speel SmartWords-spellen

Zes woordspellen gebouwd op onze echte woordenschat — gratis in de browser, geen installatie nodig.

Open de spelhub →
  • Word Sling illustration

    Word Sling

    Match het middelste woord onder tijdsdruk en houd je combo vast.

    Speel nu →
  • Word Gate illustration

    Word Gate

    Vlieg door de juiste poort voordat de snelheid opvoert.

    Speel nu →
  • Word Ninja illustration

    Word Ninja

    Snijd de woorden in de doeltaal, ontwijk de afleider in de hoofdtaal en ga voor het aangekondigde bonusdoel.

    Speel nu →
  • Word Zip illustration

    Word Zip

    Volg één pad over het bord, raak elk letterankerpunt op volgorde en vul elk open vakje.

    Speel nu →
  • Word Oddity illustration

    Word Oddity

    Kies het woord dat niet past uit een thematische set — elke tik toont meteen alle vier betekenissen en afbeeldingen, zodat de ronde ook een flashcard wordt.

    Speel nu →
  • Word Memory illustration

    Word Memory

    Draai kaarten om en koppel woorden in de doeltaal aan hun betekenis in de hoofdtaal voordat je levens op zijn.

    Speel nu →