Taal
Nederlands
ERK-niveau
A1
Thema
Namen en Identiteit
Gekoppelde cursus
Nederlands A1

Kernwoorden

Voorbeelden binnen het onderwerp

Anna is een leraar.

Engels: Anna is a teacher.

Eva is in de geschiedenis.

Engels: Eva is in history.

Wie is Hugo-name?

Engels: Who is Hugo-name?

Lucy-name was een beroemde persoon.

Engels: Lucy-name was a famous person.

Verder verkennen