Taal
Spaans
ERK-niveau
A1
Thema
Vida Cotidiana y Actividades
Gekoppelde cursus
Spaans A1

Kernwoorden

Voorbeelden binnen het onderwerp

¿Cómo vuela el helicóptero?

Nederlands: Hoe vliegt de helikopter?

El juguete-bici está en el parque.

Nederlands: Het speelgoedfietsje is in het park.

Juega con un gran barco de juguete.

Nederlands: Speel met een groot speelgoedboot.

Juego con mi coche de juguete.

Nederlands: Ik speel met mijn speelgoedauto.

Verder verkennen