Taal
Frans
Niveau
B2
Eenheid
Pronoms et leurs emplois
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Samengestelde betrekkelijke voornaamwoorden in het Frans ('lequel', 'auquel', 'duquel', enz.) verbinden twee zinnen als het antecedent voorafgegaan wordt door een voorzetsel.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik deze voornaamwoorden in het Frans als het zelfstandig naamwoord waarnaar je verwijst voorafgegaan wordt door een voorzetsel (zoals à, de, avec, sur, enz.). Dan kun je niet 'qui' of 'que' gebruiken.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Le livre auquel je pense est sur la table.

Nederlands: Het boek waar ik aan denk ligt op de tafel.

La maison dans laquelle il habite est ancienne.

Nederlands: Het huis waarin hij woont is oud.

Les amis avec lesquels je voyage sont sympathiques.

Nederlands: De vrienden met wie ik reis zijn aardig.

Voici la question à laquelle je dois répondre.

Nederlands: Hier is de vraag waarop ik moet antwoorden.

Les films desquels nous parlons sont célèbres.

Nederlands: De films waarover we praten zijn beroemd.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen