Leesdialoog

  1. Lars
    Nederlands Ik ontmoet hen morgenochtend bij de bushalte. De bus komt daar altijd op tijd aan.

    I'll meet them at the bus stop tomorrow morning. The bus always arrives there on time.

  2. Anna
    Nederlands Goed. Als er geen file is, bereiken we binnen dertig minuten de luchthaven. Anders kan het een uur duren.

    Okay. If there is no traffic, we'll reach the airport within thirty minutes. Otherwise it could take an hour.

  3. Lars
    Nederlands Zij gaat deze week elke dag de metro nemen. De auto wordt in de garage gerepareerd.

    She will take the subway every day this week. The car is being fixed in the garage.

  4. Anna
    Nederlands Dat is verstandig. Openbaar vervoer is in de spits sowieso veel sneller. Ik neem al maandenlang de trein naar het werk.

    That's sensible. Public transport is much faster in rush hour anyway. I've been taking the train to work for months.

  5. Lars
    Nederlands Hoe lang duurt de reis? Ik overweeg dezelfde optie om geld op benzine te besparen.

    How long does the trip take? I'm considering the same option to save money on gas.

  6. Anna
    Nederlands Ongeveer veertig minuten van deur tot deur. De trein komt in de spits elke vijftien minuten.

    About forty minutes door to door. The train runs every fifteen minutes during rush hour.

  7. Lars
    Nederlands Dat is briljant. Ik check vanavond misschien de dienstregeling. Het verkeer op de weg is de laatste tijd vreselijk geweest.

    That's brilliant. I might check the schedule tonight. Traffic has been terrible lately.

  8. Anna
    Nederlands Klopt. Als de stad meer fietspaden zou aanleggen, zouden minder mensen rijden.

    That's true. If the city built more bike lanes, fewer people would drive.

  9. Lars
    Nederlands Ik ben het eens. Ik heb erover nagedacht om naar het werk te fietsen als het weer beter wordt.

    I agree. I've been thinking about biking to work when the weather gets better.

  10. Anna
    Nederlands Briljant plan. De beweging zou ook uitstekend zijn.

    Brilliant plan. The movement would also be excellent.

  11. Lars
    Nederlands Precies. Misschien kunnen we soms samen fietsen. Het zou veiliger zijn met z'n tweeën.

    Exactly. Maybe we can bike together sometimes. It would be safer with both of us.

  12. Anna
    Nederlands Zeker. Laten we dit weekend een proefroute plannen.

    Sure. Let's plan a test route this weekend.

Oefen deze les in SmartWords

Luister, herhaal en tik op elk woord in de dialoog om de betekenis en audio te zien.

Andere B1-lessen in het Nederlands

Speel SmartWords-spellen

Zes woordspellen gebouwd op onze echte woordenschat — gratis in de browser, geen installatie nodig.

Open de spelhub →
  • Word Sling illustration

    Word Sling

    Match het middelste woord onder tijdsdruk en houd je combo vast.

    Speel nu →
  • Word Gate illustration

    Word Gate

    Vlieg door de juiste poort voordat de snelheid opvoert.

    Speel nu →
  • Word Ninja illustration

    Word Ninja

    Snijd de woorden in de doeltaal, ontwijk de afleider in de hoofdtaal en ga voor het aangekondigde bonusdoel.

    Speel nu →
  • Word Zip illustration

    Word Zip

    Volg één pad over het bord, raak elk letterankerpunt op volgorde en vul elk open vakje.

    Speel nu →
  • Word Oddity illustration

    Word Oddity

    Kies het woord dat niet past uit een thematische set — elke tik toont meteen alle vier betekenissen en afbeeldingen, zodat de ronde ook een flashcard wordt.

    Speel nu →
  • Word Memory illustration

    Word Memory

    Draai kaarten om en koppel woorden in de doeltaal aan hun betekenis in de hoofdtaal voordat je levens op zijn.

    Speel nu →