Er sagt, dass er morgen komme.
Nederlands: Hij zegt dat hij morgen komt.
De indirecte rede in het Duits wordt gebruikt om weer te geven wat iemand anders gezegd heeft, zonder letterlijk te citeren. Je gebruikt vaak 'dass' (dat) en speciale vormen van het werkwoord: de Konjunktiv I of II.
Gebruik de indirecte rede in het Duits als je wilt vertellen wat iemand anders gezegd heeft, vooral in kranten, formele teksten of als je niet letterlijk citeert.
Er sagt, dass er morgen komme.
Nederlands: Hij zegt dat hij morgen komt.
Sie behauptet, dass sie das Buch gelesen habe.
Nederlands: Zij beweert dat ze het boek gelezen heeft.
Peter meint, dass er keine Zeit habe.
Nederlands: Peter vindt dat hij geen tijd heeft.
Der Lehrer sagt, dass die Schüler fleißig seien.
Nederlands: De leraar zegt dat de leerlingen ijverig zijn.