Taal
Nederlands
Niveau
B1
Eenheid
Woordvolgorde en zinsstructuur
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

In een bijzin in het Nederlands staat de persoonsvorm (het werkwoord) meestal achteraan in de zin.

Wanneer je het gebruikt

Je gebruikt deze woordvolgorde als je een bijzin maakt met voegwoorden zoals 'omdat', 'als', 'terwijl', 'dat' en 'toen'. Deze woorden leiden een bijzin in.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Ik ga naar huis omdat ik moe ben.

Hij zegt dat hij morgen komt.

Als het regent, blijf ik binnen.

We wachten tot de film begint.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen