Language
Dutch
CEFR Level
A1
Theme
Dagelijks Leven en Activiteiten
Linked course
Dutch A1

Core words

Topic examples

Ik schilder graag een schilderij.

English: I enjoy painting a picture.

Ik speel muziek en schud.

English: I play music and shuffle.

Ik ga vissen met hem.

English: I go fishing with him.

Hij speelt hockey met vrienden.

English: He plays hockey with friends.

Keep exploring