Taal
Duits
ERK-niveau
A0
Thema
Sprache & Alltag
Gekoppelde cursus
Duits A0

Kernwoorden

Verhaal

Finns leise Wortkarten

  1. Es ist Abend in Finns Zimmer.

    Het is avond in Finns kamer.

  2. Finn lernt Englisch für die Schule.

    Finn leert Engels voor school.

  3. Es gibt eine kleine Kiste auf dem Schreibtisch.

    Er staat een klein kistje op het bureau.

  4. Finn nimmt eine Karte mit dem Wort the und lächelt.

    Finn pakt een kaart met het woord 'the' en glimlacht.

  5. Er zeigt eine Karte mit i und sagt leise: Ich bin Finn.

    Hij laat een kaartje met een i zien en zegt zachtjes: 'Ik ben Finn.'

  6. Dann sieht er eine Karte mit on und legt sie auf das Heft.

    Dan ziet hij een kaart met 'on' en legt die op het schrift.

  7. Er hat auch eine Karte mit for, aber er weiß nicht, wohin sie soll.

    Hij heeft ook een kaart met 'for', maar hij weet niet waar die heen moet.

  8. Eine kleine Karte sagt no, und Finn ist kurz unsicher.

    Een klein kaartje zegt 'no', en Finn is even onzeker.

  9. Die Karte mit answer passt vielleicht zur Frage im Heft, denkt Finn, aber er ist nicht sicher.

    De kaart met 'answer' past misschien bij de vraag in het schrift, denkt Finn, maar hij is niet zeker.

  10. Seine Mama Anna kommt ins Zimmer und sagt: Du kannst das schaffen, wir ordnen die Karten.

    Zijn mama Anna komt de kamer binnen en zegt: "Je kunt het, we ordenen de kaartjes."

  11. Sie zeigt: the kommt vor Nomen, i ist ich, on ist auf etwas, for ist für etwas, no ist nein, und answer ist Antwort.

    Ze laat zien: 'the' komt voor zelfstandige naamwoorden, 'i' is ik, 'on' is op iets, 'for' is voor iets, 'no' is nee, en 'answer' is antwoord.

  12. Gemeinsam ordnen sie die Karten an: the bei Nomen, i bei Sätzen über sich, on auf das Heft, for neben die Übung, no auf die rote Ecke, und answer bei den Fragen.

    Samen ordenen ze de kaarten: 'the' bij zelfstandige naamwoorden, 'i' bij zinnen over zichzelf, 'on' op het schrift, 'for' naast de oefening, 'no' op de rode hoek, en 'answer' bij de vragen.

  13. Finn nickt und kann jetzt die Aufgabe ruhig lösen.

    Finn knikt en kan de opdracht nu rustig oplossen.

  14. Er legt die Karten in die Kiste, schließt sie, und Anna deckt ihn zu.

    Hij legt de kaarten in de kist, sluit hem, en Anna stopt hem toe.

Verder verkennen

Speel SmartWords-spellen

Zes woordspellen gebouwd op onze echte woordenschat — gratis in de browser, geen installatie nodig.

Open de spelhub →
  • Word Sling illustration

    Word Sling

    Match het middelste woord onder tijdsdruk en houd je combo vast.

    Speel nu →
  • Word Gate illustration

    Word Gate

    Vlieg door de juiste poort voordat de snelheid opvoert.

    Speel nu →
  • Word Ninja illustration

    Word Ninja

    Snijd de woorden in de doeltaal, ontwijk de afleider in de hoofdtaal en ga voor het aangekondigde bonusdoel.

    Speel nu →
  • Word Zip illustration

    Word Zip

    Volg één pad over het bord, raak elk letterankerpunt op volgorde en vul elk open vakje.

    Speel nu →
  • Word Oddity illustration

    Word Oddity

    Kies het woord dat niet past uit een thematische set — elke tik toont meteen alle vier betekenissen en afbeeldingen, zodat de ronde ook een flashcard wordt.

    Speel nu →
  • Word Memory illustration

    Word Memory

    Draai kaarten om en koppel woorden in de doeltaal aan hun betekenis in de hoofdtaal voordat je levens op zijn.

    Speel nu →