Taal
Duits
ERK-niveau
A1
Thema
Alltägliche Nomen
Gekoppelde cursus
Duits A1

Kernwoorden

Voorbeelden binnen het onderwerp

Ich höre mit meinem Ohr.

Nederlands: Ik luister met mijn oor.

Mein Fuß tut weh.

Nederlands: Mijn voet doet pijn.

Das Haar ist auf meinem Gesicht.

Nederlands: Het haar zit op mijn gezicht.

Ich esse eine Banane.

Nederlands: Ik eet een banaan.

Verder verkennen