Quand tu arriveras, j'aurai déjà mangé.
Nederlands: Als je aankomt, zal ik al gegeten hebben.
Het futur antérieur in het Frans is een werkwoordstijd die aangeeft dat een handeling voltooid zal zijn vóór een ander moment of een andere handeling in de toekomst.
Gebruik de futur antérieur om te zeggen dat iets afgerond zal zijn voordat iets anders in de toekomst gebeurt. Vaak gebruikt met woorden als 'quand', 'lorsque' of 'dès que'.
Quand tu arriveras, j'aurai déjà mangé.
Nederlands: Als je aankomt, zal ik al gegeten hebben.
Nous serons partis avant midi.
Nederlands: We zullen voor twaalf uur vertrokken zijn.
Elle aura terminé ses devoirs quand ses amis viendront.
Nederlands: Zij zal haar huiswerk af hebben als haar vrienden komen.
Dès que tu auras compris, tu pourras commencer.
Nederlands: Zodra je het begrepen hebt, kun je beginnen.