Tengo que estudiar para el examen.
Nederlands: Ik moet voor het examen studeren.
In het Spaans zijn 'perífrasis verbales' combinaties van twee of meer werkwoorden waarmee je verplichting, mogelijkheid of waarschijnlijkheid kunt uitdrukken. Hiermee kun je zeggen wat moet gebeuren, wat kan gebeuren of wat waarschijnlijk is.
Gebruik deze vormen om te praten over verplichtingen (wat iemand moet doen), mogelijkheden (wat kan gebeuren) en waarschijnlijkheden (wat waarschijnlijk is) in het Spaans. Ze helpen je om noodzaak, toestemming en onzekerheid uit te drukken.
Tengo que estudiar para el examen.
Nederlands: Ik moet voor het examen studeren.
Hay que limpiar la casa hoy.
Nederlands: Men moet vandaag het huis schoonmaken.
Puede que llegue tarde.
Nederlands: Misschien komt hij/zij te laat.
Debo llamar a mi madre.
Nederlands: Ik moet mijn moeder bellen.
Puedo salir si termino mi trabajo.
Nederlands: Ik kan uitgaan als ik mijn werk af heb.