Ils portent souvent des jeans.
Nederlands: Ze dragen vaak jeans.
Luister hoe "jeans" klinkt in het Frans.
Dit woord verschijnt op de onderwerppagina French Vêtements et Articles de Maison.
Ils portent souvent des jeans.
Nederlands: Ze dragen vaak jeans.
Elle porte un jean bleu et une chemise qui lui va bien.
Nederlands: Ze draagt een blauwe spijkerbroek en een overhemd dat goed past.
Ga van opzoeken naar herhalen met begeleide woordenschatoefeningen, opgeslagen woorden en ERK-leerpaden.