Il porte des vêtements noirs aujourd'hui.
Nederlands: Hij draagt vandaag zwarte kleren.
Luister hoe "vêtements" klinkt in het Frans.
Dit woord verschijnt op de onderwerppagina French Vêtements et Articles de Maison.
Il porte des vêtements noirs aujourd'hui.
Nederlands: Hij draagt vandaag zwarte kleren.
Je choisis des vêtements qui vont avec ma veste et mes chaussures aujourd'hui.
Nederlands: Ik kies vandaag kleren die bij mijn jas en schoenen passen.
Ga van opzoeken naar herhalen met begeleide woordenschatoefeningen, opgeslagen woorden en ERK-leerpaden.