Est-ce que tu as un animal ?
Nederlands: Heb je een huisdier?
In het Frans zijn er twee hoofdtypen vragen: gesloten vragen (ja/nee-vragen) en open vragen (vragen die meer informatie nodig hebben).
Gebruik gesloten vragen als je alleen 'ja' of 'nee' als antwoord verwacht. Gebruik open vragen als je meer informatie wilt, zoals een reden, plaats of uitleg.
Est-ce que tu as un animal ?
Nederlands: Heb je een huisdier?
Tu viens ce soir ?
Nederlands: Kom je vanavond?
Où vas-tu ?
Nederlands: Waar ga je naartoe?
Pourquoi apprends-tu le français ?
Nederlands: Waarom leer je Frans?
Vous aimez le café ?
Nederlands: Houd je van koffie?