Taal
Frans
Niveau
B1
Eenheid
Prépositions
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Tijdspreposities in het Frans zijn kleine woorden die aangeven wanneer iets gebeurt of hoe lang iets duurt. Ze helpen je om over tijd, data en duur te praten.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik Franse tijdspreposities om te zeggen wanneer iets gebeurt, hoe lang het duurt, wanneer iets is begonnen of tot wanneer het doorgaat. Ze zijn belangrijk voor het praten over afspraken, geschiedenis en plannen.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Je pars à 18h.

Nederlands: Ik vertrek om 18u.

Nous sommes en avril.

Nederlands: We zijn in april.

Il travaille depuis 2019.

Nederlands: Hij werkt sinds 2019.

Elle reste pendant une semaine.

Nederlands: Zij blijft een week.

J'ai voyagé il y a deux ans.

Nederlands: Ik heb twee jaar geleden gereisd.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen