- Taal
- Frans
- Niveau
- A1
- Eenheid
- Noms et adjectifs
- Oefentypen
- 0
Wat dit grammaticapunt behandelt
In het Frans kunnen zelfstandige naamwoorden enkelvoud (één) of meervoud (meer dan één) zijn. De vorm van het woord verandert om het aantal aan te geven.
Wanneer je het gebruikt
Gebruik het enkelvoud voor één ding, en het meervoud voor twee of meer.
Belangrijke vormen
- Voeg -s toe aan de meeste woorden: un livre → des livres
- Woorden die eindigen op -eau, -au of -eu krijgen -x: un tableau → des tableaux
- Woorden die eindigen op -al worden -aux: un animal → des animaux
Voorbeelden
Un ami arrive.
Nederlands: Een vriend komt aan.
Des amis arrivent.
Nederlands: Vrienden komen aan.
Une fleur pousse.
Nederlands: Een bloem groeit.
Des fleurs poussent.
Nederlands: Bloemen groeien.
Tips
- De -s van het meervoud wordt meestal niet uitgesproken.
- Vergeet niet het lidwoord te veranderen naar des bij meervoud.
- Sommige woorden hebben een onregelmatig meervoud.
Uitzonderingen en randgevallen
- Sommige woorden veranderen niet in het meervoud (un nez → des nez).
- Sommige woorden hebben een speciale meervoudsvorm (un œil → des yeux).