Ben elma ve muz yiyorum.
Nederlands: Ik eet appel en banaan.
In het Turks zijn 'bağlaçlar' verbindingswoorden die woorden, woordgroepen of zinnen aan elkaar koppelen. De bekendste zijn 've', 'ama', 'çünkü' en 'veya'.
've' gebruik je om dingen op te sommen, 'ama' om een tegenstelling te tonen, 'çünkü' om een reden te geven, en 'veya' om een keuze aan te geven.
Ben elma ve muz yiyorum.
Nederlands: Ik eet appel en banaan.
O çalışıyor ama yorgun.
Nederlands: Hij/zij werkt maar is moe.
Dışarı çıkmıyorum çünkü yağmur yağıyor.
Nederlands: Ik ga niet naar buiten omdat het regent.
Kahve veya çay ister misin?
Nederlands: Wil je koffie of thee?