Taal
Frans
Niveau
B1
Eenheid
Adverbes
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Adverbes de temps zijn Franse woorden die aangeven wanneer iets gebeurt. Ze geven informatie over tijd: nu, gisteren, morgen, altijd, vaak, enzovoort.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik adverbes de temps in het Frans om te zeggen wanneer een actie plaatsvindt, hoe vaak iets gebeurt of of het al gebeurd is. Ze beantwoorden vragen als 'wanneer?' of 'hoe vaak?'.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Je vais au marché demain.

Nederlands: Ik ga morgen naar de markt.

Il pleut souvent ici.

Nederlands: Het regent hier vaak.

Nous avons déjà mangé.

Nederlands: We hebben al gegeten.

Elle n'est jamais en retard.

Nederlands: Zij is nooit te laat.

Je travaille encore.

Nederlands: Ik werk nog.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen