I was reading a book.
Nederlands: Ik was een boek aan het lezen.
De past continuous is een Engelse tijdsvorm die gebruikt wordt om aan te geven dat iets op een specifiek moment in het verleden aan de gang was.
Gebruik de past continuous om te vertellen dat een actie bezig was in het verleden, of dat iets gebeurde toen er iets anders gebeurde.
I was reading a book.
Nederlands: Ik was een boek aan het lezen.
She was cooking dinner at 7 pm.
Nederlands: Zij was om 19.00 uur aan het koken.
They were watching TV when I arrived.
Nederlands: Zij waren tv aan het kijken toen ik aankwam.
We were walking to school.
Nederlands: Wij waren naar school aan het lopen.