Taal
Engels
Niveau
A2
Eenheid
Prepositions and adverbs
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Tijdsbepalende voorzetsels zijn Engelse woorden die aangeven wanneer iets gebeurt. Ze worden gebruikt om over tijden, dagen, data en periodes te praten.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik deze voorzetsels in het Engels om aan te geven wanneer iets gebeurt: op een bepaald tijdstip, dag, datum, maand of periode.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Dinner is at 6 o'clock.

Nederlands: Het avondeten is om 6 uur.

We go to the park on Sunday.

Nederlands: We gaan op zondag naar het park.

My holiday is in July.

Nederlands: Mijn vakantie is in juli.

She studies in the afternoon.

Nederlands: Zij studeert in de middag.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen