Taal
Engels
Niveau
A1
Eenheid
Conjunctions
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

In het Engels is 'or' een voegwoord. Het verbindt woorden, woordgroepen of zinnen om een keuze of alternatief aan te geven.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik 'or' als je opties, keuzes of alternatieven wilt geven in een Engelse zin.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Do you want tea or coffee?

Nederlands: Wil je thee of koffie?

We can go by bus or train.

Nederlands: We kunnen met de bus of de trein gaan.

Is it Monday or Tuesday today?

Nederlands: Is het vandaag maandag of dinsdag?

Would you like an apple or an orange?

Nederlands: Wil je een appel of een sinaasappel?

Tips

Verder verkennen