Ali yavaşça yürüyor.
Nederlands: Ali loopt langzaam.
In het Turks zijn 'basit zarflar' eenvoudige bijwoorden. Dit zijn woorden die uitleggen hoe, wanneer of waar iets gebeurt.
Gebruik basit zarflar in het Turks om aan te geven op welke manier, wanneer of waar een handeling plaatsvindt.
Ali yavaşça yürüyor.
Nederlands: Ali loopt langzaam.
Öğrenciler şimdi dersteler.
Nederlands: De studenten zijn nu in de les.
Köpek dışarıda oynuyor.
Nederlands: De hond speelt buiten.
Ben burada bekliyorum.
Nederlands: Ik wacht hier.
Çocuklar hızlıca koşuyor.
Nederlands: De kinderen rennen snel.