- Taal
- Spaans
- Niveau
- B2
- Eenheid
- Comparaciones, cantidad y grado
- Oefentypen
- 0
Wat dit grammaticapunt behandelt
In het Spaans zijn 'expresiones de cantidad y grado' woorden en uitdrukkingen die aangeven hoeveel er van iets is of hoe sterk een eigenschap is.
Wanneer je het gebruikt
Gebruik deze uitdrukkingen om in het Spaans te praten over hoeveelheden, intensiteit, of om dingen te vergelijken. Ze zijn handig om mensen, objecten of situaties te beschrijven.
Belangrijke vormen
- mucho/a/os/as
- poco/a/os/as
- demasiado/a/os/as
- bastante(s)
- tan... como
- tanto/a/os/as... como
- más/menos... que
Voorbeelden
Tengo mucho trabajo hoy.
Nederlands: Ik heb vandaag veel werk.
Ella es tan inteligente como su hermano.
Nederlands: Zij is even intelligent als haar broer.
Hay demasiadas personas en la sala.
Nederlands: Er zijn te veel mensen in de zaal.
Comí tanto como pude.
Nederlands: Ik heb zoveel gegeten als ik kon.
Este libro es más interesante que el otro.
Nederlands: Dit boek is interessanter dan het andere.
Tips
- Let op de juiste uitgang (o/a/os/as) van 'mucho', 'poco', 'demasiado' en 'tanto', afhankelijk van het zelfstandig naamwoord.
- Gebruik 'tan' met bijvoeglijke naamwoorden/bijwoorden en 'tanto' met zelfstandige naamwoorden of werkwoorden.
- Verwar 'muy' (zeer) niet met 'mucho' (veel); 'muy' gebruik je met bijvoeglijke naamwoorden/bijwoorden, 'mucho' met zelfstandige naamwoorden/werkwoorden.
Uitzonderingen en randgevallen
- De vorm verandert afhankelijk van het zelfstandig naamwoord (mannelijk/vrouwelijk, enkelvoud/meervoud).
- Na een werkwoord gebruik je altijd de mannelijke enkelvoudsvorm (bijv. 'trabajo mucho').