Taal
Duits
Niveau
A2
Eenheid
Satzstruktur und Nebensätze
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

In het Duits betekent 'Wortstellung im Hauptsatz' de volgorde van woorden in een hoofdzin. Dit geeft aan waar het onderwerp, het werkwoord en andere delen van de zin staan in een gewone zin.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik deze woordvolgorde voor gewone mededelende zinnen en ja/nee-vragen in een hoofdzin in het Duits.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Ich lerne Deutsch.

Nederlands: Ik leer Duits.

Morgen fahre ich nach Berlin.

Nederlands: Morgen ga ik naar Berlijn.

Wir essen Pizza.

Nederlands: Wij eten pizza.

Im Sommer schwimme ich oft.

Nederlands: In de zomer zwem ik vaak.

Du liest ein Buch.

Nederlands: Jij leest een boek.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen