Taal
Duits
Niveau
A2
Eenheid
Fälle
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

De Nominativ is de basisvorm van zelfstandige naamwoorden en voornaamwoorden in het Duits. Het wordt gebruikt voor het onderwerp van de zin, dus degene die iets doet.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik de Nominativ voor het onderwerp van de zin, na het werkwoord 'sein' (zijn), en voor woorden die de actie uitvoeren.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Der Hund läuft.

Nederlands: De hond rent.

Die Katze schläft.

Nederlands: De kat slaapt.

Das Buch ist neu.

Nederlands: Het boek is nieuw.

Die Kinder spielen.

Nederlands: De kinderen spelen.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen