Ich arbeite jetzt.
Nederlands: Ik werk nu. (tegenwoordige tijd)
Op A0-niveau begint het werken met tijden in het Duits als tijdsbewustzijn: nu (Präsens), vóór nu (Präteritum/Perfekt) en na nu (Futur).
Gebruik dit overzicht om de betekenis van zinnen naar tijd te classificeren vóór diepere grammaticale studie.
Ich arbeite jetzt.
Nederlands: Ik werk nu. (tegenwoordige tijd)
Ich arbeitete gestern.
Nederlands: Ik werkte gisteren. (verleden tijd)
Ich werde morgen arbeiten.
Nederlands: Ik zal morgen werken. (toekomende tijd)
Sie ist jetzt zu Hause.
Nederlands: Zij is nu thuis. (tegenwoordige tijd van sein)
De gekozen woordenschat-, grammatica- en uitspraakpagina van vandaag voor Duits. Bewaar deze sectie — hij wordt elke dag bijgewerkt.
Abonneer je op dagelijkse SmartWords-keuzes. Kies de onderwerpen die je wilt — we sturen één kort e-mailtje per dag.
Zes woordspellen gebouwd op onze echte woordenschat — gratis in de browser, geen installatie nodig.
Open de spelhub →
Match het middelste woord onder tijdsdruk en houd je combo vast.
Speel nu →
Vlieg door de juiste poort voordat de snelheid opvoert.
Speel nu →
Snijd de woorden in de doeltaal, ontwijk de afleider in de hoofdtaal en ga voor het aangekondigde bonusdoel.
Speel nu →
Volg één pad over het bord, raak elk letterankerpunt op volgorde en vul elk open vakje.
Speel nu →
Kies het woord dat niet past uit een thematische set — elke tik toont meteen alle vier betekenissen en afbeeldingen, zodat de ronde ook een flashcard wordt.
Speel nu →
Draai kaarten om en koppel woorden in de doeltaal aan hun betekenis in de hoofdtaal voordat je levens op zijn.
Speel nu →