Taal
Frans
Niveau
B2
Eenheid
Adverbes, comparatifs et prépositions
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Franse bijwoorden van wijze, tijd, plaats en hoeveelheid zijn woorden die aangeven hoe, wanneer, waar of hoeveel iets gebeurt.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik deze bijwoorden in het Frans om te zeggen op welke manier, wanneer, waar of in welke hoeveelheid iets gebeurt. Ze staan meestal na het werkwoord, soms aan het begin of einde van de zin.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Il parle lentement.

Nederlands: Hij praat langzaam.

Nous sommes partis hier.

Nederlands: We zijn gisteren vertrokken.

Je reste ici.

Nederlands: Ik blijf hier.

Elle mange beaucoup.

Nederlands: Zij eet veel.

Tu viens souvent ici ?

Nederlands: Kom je hier vaak?

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen