Taal
Frans
Niveau
A2
Eenheid
Pronoms
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Directe en indirecte voornaamwoorden in het Frans (me, te, le, la, lui, leur, nous, vous, les) zijn korte woordjes die personen of dingen vervangen om herhaling te voorkomen. Ze geven aan wie of wat de actie van het werkwoord ontvangt.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik deze voornaamwoorden in het Frans als je niet steeds dezelfde naam van een persoon of ding wilt herhalen die het werkwoord ontvangt. Directe objectvoornaamwoorden gebruik je zonder voorzetsel, indirecte meestal bij werkwoorden met 'à' (aan).

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Je le vois.

Nederlands: Ik zie hem/het.

Elle me parle.

Nederlands: Zij praat met mij.

Nous leur donnons un cadeau.

Nederlands: Wij geven hun een cadeau.

Tu nous invites ?

Nederlands: Nodig je ons uit?

Il la connaît.

Nederlands: Hij kent haar.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen