- Taal
- Frans
- Niveau
- A2
- Eenheid
- Noms et articles
- Oefentypen
- 0
Wat dit grammaticapunt behandelt
In het Frans hebben zelfstandige naamwoorden een geslacht (mannelijk of vrouwelijk) en een getal (enkelvoud of meervoud). Dit bepaalt het lidwoord en soms de vorm van het woord.
Wanneer je het gebruikt
Bij elk Frans zelfstandig naamwoord moet je het geslacht en het aantal weten. Lidwoorden en bijvoeglijke naamwoorden passen zich hierop aan.
Belangrijke vormen
- Mannelijk enkelvoud: le livre
- Vrouwelijk enkelvoud: la table
- Mannelijk meervoud: les livres
- Vrouwelijk meervoud: les tables
Voorbeelden
Le chat est noir.
Nederlands: De kat is zwart.
La maison est grande.
Nederlands: Het huis is groot.
Les chiens sont gentils.
Nederlands: De honden zijn vriendelijk.
Les filles jouent.
Nederlands: De meisjes spelen.
Un livre, des livres.
Nederlands: Een boek, boeken.
Tips
- Leer altijd het geslacht (le of la) samen met het woord.
- Voor het meervoud voeg je meestal een -s toe.
- Sommige woorden hebben een onregelmatig geslacht of meervoud; controleer het woordenboek als je twijfelt.
Uitzonderingen en randgevallen
- Sommige woorden hebben een onverwacht geslacht (bijvoorbeeld: 'le problème' is mannelijk).
- Sommige meervouden zijn onregelmatig (bijvoorbeeld: 'un animal' → 'des animaux').