Je suis fatigué.
Nederlands: Ik ben moe.
Onderwerpsvoornaamwoorden vervangen namen aan het begin van een zin en verbinden met hulpwerkwoorden zoals être en avoir.
Gebruik onderwerpsvoornaamwoorden als onderwerp van de zin vóór het werkwoord.
Je suis fatigué.
Nederlands: Ik ben moe.
Ils sont amis.
Nederlands: Zij zijn vrienden.
Il ne sait pas.
Nederlands: Hij weet het niet.
Il fait froid.
Nederlands: Het is koud.