- Taal
- Frans
- Niveau
- A0
- Eenheid
- Négation et questions simples
- Oefentypen
- 0
Wat dit grammaticapunt behandelt
Basisontkenningen worden gevormd met ne ... pas en hulpwerkwoorden.
Wanneer je het gebruikt
Gebruik ontkenningen om nee te zeggen, informatie te ontkennen of afwezigheid te beschrijven.
Belangrijke vormen
- être/avoir + ne ... pas
- ne ... pas + basiswerkwoord
- ne peux pas (modale bewustwording)
Voorbeelden
Je ne suis pas occupé.
Nederlands: Ik ben niet bezig.
Elle ne conduit pas.
Nederlands: Zij rijdt niet.
Ils ne sont pas à l'école.
Nederlands: Zij zijn niet op school.
Nous ne comprenons pas.
Nederlands: Wij begrijpen het niet.
Tips
- Plaats ne vóór het werkwoord en pas erna.
- In de spreektaal wordt ne vaak weggelaten: 'Je suis pas prêt.' (informeel).
- Voeg geen uitgangen toe aan het hoofdwerkwoord na pas.
Uitzonderingen en randgevallen
- Bij être is geen extra hulpwerkwoord nodig: Elle n'est pas..., niet Elle ne fait pas être....