Taal
Engels
Niveau
B2
Eenheid
Nouns, Articles, and Quantifiers
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Artikelen in het Engels zijn kleine woorden (a, an, the) die voor zelfstandige naamwoorden staan. Ze geven aan of iets specifiek of algemeen is.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik 'a' of 'an' als je iets voor het eerst noemt of als het niet specifiek is. Gebruik 'the' voor iets specifieks of als het al bekend is.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

I have a cat.

Nederlands: Ik heb een kat.

She is an engineer.

Nederlands: Zij is ingenieur.

The book is on the table.

Nederlands: Het boek ligt op de tafel.

Can I have an apple?

Nederlands: Mag ik een appel?

The sun is bright today.

Nederlands: De zon is vandaag fel.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen