Gisteren ging ik naar de winkel.
- Taal
- Nederlands
- Niveau
- B1
- Eenheid
- Tijden en werkwoordsvormen
- Oefentypen
- 0
Wat dit grammaticapunt behandelt
De 'verleden tijd van onregelmatige werkwoorden' zijn de vormen van onregelmatige werkwoorden in de verleden tijd. Deze werkwoorden volgen niet de standaard regels.
Wanneer je het gebruikt
Je gebruikt deze vormen om te praten over gebeurtenissen of handelingen die in het verleden zijn gebeurd en nu zijn afgerond.
Belangrijke vormen
- ik ging
- jij kwam
- hij zag
- wij deden
Voorbeelden
Hij zag een mooie vogel.
We deden ons huiswerk.
Jullie kwamen te laat.
Tips
- Onregelmatige werkwoorden moet je uit je hoofd leren, omdat ze geen vaste regels volgen.
- Veelgebruikte werkwoorden zijn vaak onregelmatig, controleer dus altijd de juiste vorm.
- Let goed op de verandering van de stam in de verleden tijd.
Uitzonderingen en randgevallen
- Sommige onregelmatige werkwoorden hebben ook een onregelmatig voltooid deelwoord.
- De verleden tijd kan verschillen tussen enkelvoud en meervoud.