Taal
Spaans
Niveau
A1
Eenheid
Pronombres
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Onderwerpsvoornaamwoorden in het Spaans zijn woorden zoals 'yo', 'tú', 'él', 'ella', enzovoort, die aangeven wie de handeling uitvoert in een zin.

Wanneer je het gebruikt

In het Spaans gebruik je onderwerpsvoornaamwoorden om te zeggen wie iets doet. Vaak kun je het voornaamwoord weglaten omdat de werkwoordsvorm al duidelijk maakt wie het onderwerp is. Gebruik ze als je extra duidelijkheid wilt of als je het onderwerp wilt benadrukken.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Yo estudio español.

Nederlands: Ik leer Spaans.

Tú eres mi amigo.

Nederlands: Jij bent mijn vriend.

Él vive en Madrid.

Nederlands: Hij woont in Madrid.

Nosotros comemos pizza.

Nederlands: Wij eten pizza.

Ellas bailan muy bien.

Nederlands: Zij (vrouwelijk) dansen heel goed.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen