Taal
Duits
Niveau
A2
Eenheid
Weitere Grammatikthemen
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Zeitangaben zijn woorden of uitdrukkingen in het Duits die aangeven wanneer iets gebeurt. Ze beantwoorden vragen als 'Wanneer?', 'Hoe lang?' of 'Hoe vaak?'.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik Zeitangaben in het Duits om te zeggen wanneer iets gebeurt, hoe vaak of hoe lang. Ze helpen je bij het praten over je dagelijkse routine, afspraken, vakanties en meer.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Ich stehe um 7 Uhr auf.

Nederlands: Ik sta om 7 uur op.

Am Samstag gehe ich einkaufen.

Nederlands: Op zaterdag ga ik boodschappen doen.

Im Winter ist es kalt.

Nederlands: In de winter is het koud.

Wir haben von 9 bis 17 Uhr geöffnet.

Nederlands: Wij zijn open van 9 tot 17 uur.

Seit 2020 lerne ich Deutsch.

Nederlands: Sinds 2020 leer ik Duits.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen