Taal
Frans
Niveau
A0
Eenheid
Repères temporels de base
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Op A0-niveau begint het werk met tijden in het Frans als tijdsbewustzijn: nu, vóór nu en na nu. Frans gebruikt werkwoordsuitgangen en hulpwoorden voor tijden.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik dit overzicht om de betekenis van zinnen te classificeren op tijd voordat je dieper op grammatica ingaat.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Je travaille maintenant. (présent)

Nederlands: Ik werk nu. (tegenwoordige tijd)

J'ai travaillé hier. (passé)

Nederlands: Ik heb gisteren gewerkt. (verleden tijd)

Je travaillerai demain. (futur)

Nederlands: Ik zal morgen werken. (toekomende tijd)

Elle est à la maison maintenant. (présent être)

Nederlands: Zij is nu thuis. (tegenwoordige tijd être)

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen