- Taal
- Engels
- Niveau
- B1
- Eenheid
- Nouns, Articles, and Quantifiers
- Oefentypen
- 0
Wat dit grammaticapunt behandelt
Quantifiers zijn woorden die je gebruikt vóór zelfstandige naamwoorden om een hoeveelheid of aantal aan te geven in het Engels, zoals 'some', 'many', 'a lot of' of 'a few'.
Wanneer je het gebruikt
Gebruik quantifiers om aan te geven hoeveel of hoeveel er ergens van is in het Engels. Ze helpen je om de hoeveelheid in een zin duidelijk te maken.
Belangrijke vormen
- 'some' (voor positieve zinnen en bij aanbiedingen/verzoeken)
- 'any' (voor vragen en ontkenningen)
- 'much' (bij niet-telbare zelfstandige naamwoorden)
- 'many' (bij telbare zelfstandige naamwoorden)
- 'a lot of' (bij telbare en niet-telbare zelfstandige naamwoorden)
- 'a few' (bij telbare zelfstandige naamwoorden)
- 'a little' (bij niet-telbare zelfstandige naamwoorden)
Voorbeelden
I have some friends.
Nederlands: Ik heb wat vrienden.
There isn't much milk left.
Nederlands: Er is niet veel melk meer over.
Do you have any questions?
Nederlands: Heb je vragen?
We saw a few birds in the park.
Nederlands: We zagen een paar vogels in het park.
She has a lot of homework.
Nederlands: Zij heeft veel huiswerk.
Tips
- Gebruik 'many' bij telbare zelfstandige naamwoorden (zoals 'books', 'apples').
- Gebruik 'much' bij niet-telbare zelfstandige naamwoorden (zoals 'water', 'money').
- In positieve zinnen gebruik je meestal 'a lot of' in plaats van 'much' of 'many'.
Uitzonderingen en randgevallen
- 'Some' wordt soms in vragen gebruikt als je verwacht dat het antwoord 'ja' is of als je iets aanbiedt.