Taal
Engels
Niveau
A2
Eenheid
Nouns, articles, and quantifiers
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

'Much' en 'many' zijn Engelse woorden die je gebruikt om te praten over een grote hoeveelheid van iets. Ze helpen om vragen te stellen of informatie te geven over hoeveel er is.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik 'much' bij dingen die je niet kunt tellen (zoals water, geld, tijd). Gebruik 'many' bij dingen die je wel kunt tellen (zoals appels, auto's, mensen). Ze worden vaak gebruikt in vragen en ontkennende zinnen.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

How much sugar do you want?

Nederlands: Hoeveel suiker wil je?

There isn’t much time left.

Nederlands: Er is niet veel tijd meer over.

Are there many students in the class?

Nederlands: Zijn er veel leerlingen in de klas?

I don’t have many friends here.

Nederlands: Ik heb hier niet veel vrienden.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen