Taal
Engels
Niveau
A1
Eenheid
Verb Tenses: Present and Past
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

De simple present is een Engelse tijd. Je gebruikt het om te praten over gewoontes, feiten of dingen die altijd waar zijn.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik de simple present voor gewoontes, routines, algemene waarheden en feiten.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

I live in London.

Nederlands: Ik woon in Londen.

She plays football.

Nederlands: Zij speelt voetbal.

We go to school every day.

Nederlands: Wij gaan elke dag naar school.

The sun rises in the east.

Nederlands: De zon komt op in het oosten.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen