Ik ga altijd te voet naar school.
- Taal
- Nederlands
- Niveau
- B1
- Eenheid
- Bijwoorden
- Oefentypen
- 0
Wat dit grammaticapunt behandelt
Bijwoorden van frequentie geven aan hoe vaak iets gebeurt. Ze beschrijven gewoontes of herhaalde handelingen.
Wanneer je het gebruikt
Gebruik deze bijwoorden om aan te geven hoe vaak je iets doet, bijvoorbeeld bij dagelijkse routines of gewoontes. Ze worden vaak gebruikt in combinatie met de tegenwoordige tijd.
Belangrijke vormen
- altijd
- vaak
- meestal
- soms
- zelden
- nooit
Voorbeelden
Zij eet meestal brood bij het ontbijt.
Wij sporten vaak in het park.
Soms kijk ik televisie.
Hij vergeet nooit zijn sleutels.
Tips
- Het bijwoord van frequentie staat meestal na het onderwerp en voor het hoofdwerkwoord.
- Verwar 'nooit' (never) niet met 'altijd' (always).
- 'Soms' kan ook aan het begin van de zin staan voor extra nadruk.
Uitzonderingen en randgevallen
- Bij samengestelde tijden staat het bijwoord meestal na het hulpwerkwoord en voor het voltooid deelwoord.