Taal
Nederlands
Niveau
A2
Eenheid
Zelfstandige naamwoorden en lidwoorden
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

Lidwoorden zijn korte woordjes die voor een zelfstandig naamwoord staan. Ze geven aan of je het over iets specifieks hebt of niet.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik 'de' of 'het' als je het over iets specifieks hebt. Gebruik 'een' als je het over iets algemeens of willekeurigs hebt.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

De hond slaapt.

Het boek is nieuw.

Een meisje leest.

Ik heb een appel.

De auto is blauw.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen