Hij draagt vandaag zwarte kleren.
English: He wears black clothes today.
Listen to how "de kleren" sounds in Dutch.
This word appears in the Dutch Kleding en Huishoudelijke Artikelen.
Hij draagt vandaag zwarte kleren.
English: He wears black clothes today.
Ik kies vandaag kleren die bij mijn jas en schoenen passen.
English: I am choosing clothes that match my jacket and shoes today.
Move from lookup to repetition with guided vocabulary exercises, saved words, and CEFR-based lesson paths.