Leesdialoog
-
Lars
Hij heeft een grote speelgoedauto.
He has a big toy car.
-
Anna
Zij vindt de pop leuk.
She likes the doll.
-
Lars
Een auto is kleiner dan een vrachtwagen.
A car is smaller than a truck.
-
Anna
Mijn broer rijdt met een kleine speelgoedauto.
My brother drives a small toy car.
-
Lars
Ik heb een robot en een teddy in mijn kamer.
I have a robot and a teddy bear in my room.
-
Anna
Hij rijdt met zijn fiets door het park.
He rides his bike through the park.
-
Lars
We spelen met de pop en de vrachtwagen.
We play with the doll and the truck.
-
Anna
Mijn speelgoed zit in een grote doos.
My toys are in a big box.
Oefen deze les in SmartWords
Luister, herhaal en tik op elk woord in de dialoog om de betekenis en audio te zien.
Andere A1-lessen in het Nederlands
Speel SmartWords-spellen
Zes woordspellen gebouwd op onze echte woordenschat — gratis in de browser, geen installatie nodig.
Open de spelhub →-
Word Sling
Match het middelste woord onder tijdsdruk en houd je combo vast.
Speel nu → -
Word Gate
Vlieg door de juiste poort voordat de snelheid opvoert.
Speel nu → -
Word Ninja
Snijd de woorden in de doeltaal, ontwijk de afleider in de hoofdtaal en ga voor het aangekondigde bonusdoel.
Speel nu → -
Word Zip
Volg één pad over het bord, raak elk letterankerpunt op volgorde en vul elk open vakje.
Speel nu → -
Word Oddity
Kies het woord dat niet past uit een thematische set — elke tik toont meteen alle vier betekenissen en afbeeldingen, zodat de ronde ook een flashcard wordt.
Speel nu → -
Word Memory
Draai kaarten om en koppel woorden in de doeltaal aan hun betekenis in de hoofdtaal voordat je levens op zijn.
Speel nu →