Taal
Spaans
Niveau
A2
Eenheid
Pronombres
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

In het Spaans zijn 'pronombres interrogativos' vraagwoorden die je gebruikt om informatie te vragen over personen, dingen, plaatsen, redenen, enzovoort.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik deze woorden in het Spaans om te vragen naar iets (wat), iemand (wie), een plaats (waar), tijd (wanneer), reden (waarom), manier (hoe) of hoeveelheid (hoeveel). Ze staan meestal aan het begin van de vraag.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

¿Qué estudias?

Nederlands: Wat studeer je?

¿Dónde está mi bolso?

Nederlands: Waar is mijn tas?

¿Quién llama a la puerta?

Nederlands: Wie belt er aan?

¿Cómo llegas a la escuela?

Nederlands: Hoe kom je op school?

¿Cuántos años tienes?

Nederlands: Hoe oud ben je?

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen