Taal
Duits
Niveau
A2
Eenheid
Satzstruktur und Nebensätze
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

In het Duits is 'weil' een voegwoord dat een bijzin inleidt die een reden geeft (omdat). Het werkwoord staat altijd aan het einde van de bijzin.

Wanneer je het gebruikt

'Weil' wordt gebruikt om een reden of oorzaak te geven voor een handeling of situatie.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

Ich kann nicht kommen, weil ich krank bin.

Nederlands: Ik kan niet komen omdat ik ziek ben.

Wir lernen Deutsch, weil wir in Deutschland leben.

Nederlands: Wij leren Duits omdat wij in Duitsland wonen.

Er geht ins Bett, weil er müde ist.

Nederlands: Hij gaat naar bed omdat hij moe is.

Sie kauft Brot, weil sie Hunger hat.

Nederlands: Zij koopt brood omdat zij honger heeft.

Tips

Verder verkennen