Taal
Engels
Niveau
B2
Eenheid
Verb Tenses and Aspects
Oefentypen
0

Wat dit grammaticapunt behandelt

De past simple is een Engelse tijd die je gebruikt om te praten over acties of gebeurtenissen die in het verleden zijn gebeurd en afgerond.

Wanneer je het gebruikt

Gebruik de past simple om te praten over afgeronde acties, gewoontes in het verleden of gebeurtenissen op een specifiek moment in het verleden.

Belangrijke vormen

Voorbeelden

She visited London last year.

Nederlands: Zij bezocht vorig jaar Londen.

They didn’t eat breakfast.

Nederlands: Zij ontbeten niet.

Did you see the movie?

Nederlands: Heb jij de film gezien?

We played football yesterday.

Nederlands: Wij speelden gisteren voetbal.

Tips

Uitzonderingen en randgevallen

Verder verkennen